Beeldrijk belastingadvies, administratie, conflictbemiddeling, zakelijke begeleiding
identiteiten identiteiten
empty 
actualiteiten 
empty 
fiscaliteiten fiscaliteiten
empty 
formaliteiten  
empty 
cursus & training cursus & training
empty 
beeldruimte  
empty 
fiets & bedrijf fiets & bedrijf
empty 
ontwerpers  
empty 
overzicht overzicht
  

empty  

© ZOO
Nieuwe fiscaliteiten
De gegevens voor de aangifte inkomstenbelasting 2007
Uitstel voor de indiening van aangiften inkomstenbelasting
Werkruimte te huur

Nieuws

Belastingmaatregelen voor 2008 en 2009

Op prinsjesdag, 18 september 2007, zijn de fiscale maatregelen voor 2008 en 2009 aangekondigd. De voorstellen in dit plan worden nog door de 2e en 1e kamer behandeld. Vooruitlopend daarop geven we hier globale informatie over enkele onderwerpen uit dat belastingplan. De essentie: wie rookt, drinkt, auto rijdt, vliegt of anderszins vervuilt gaat er op achteruit. Wie kinderen maakt gaat er op vooruit.

Privé-gebruik van de auto die tot het ondernemingsvermogen wordt gerekend:

De correctie voor het privégebruik van de bedrijfsauto wordt met ingang van 2008 verhoogd van 22% naar 25% van de cataloguswaarde. Voor een zeer zuinige auto met een geringe CO2-uitstoot daarentegen wordt de correctie voor het privégebruik verlaagd van 22% naar 14% van de cataloguswaarde. De voorwaarde voor de 'zeer-zuinigheid' is dat de uitstoot voor een dieselauto niet hoger is dan 95 gram per km; voor een auto op benzine niet hoger dan 110 gram per km.

Motorrijtuigenbelasting en BPM:

Voor 'zeer zuinige' auto's wordt per 1 februari 2008 de motorrijtuigenbelasting gehalveerd. Als zeer zuinig worden aangemerkt benzineauto's met een CO2-uitstoot van maximaal 110 gram per km en dieselauto's met een CO2-uitstoot van maximaal 95 gram per km.

Voor personenauto's met dieselmotor wordt op 1 februari 2008 een BPM-differentiatie naar uitstoot van fijnstof ingevoerd. Voor zeer onzuinige auto's wordt per 1 februari 2008 een CO2-toeslag ingevoerd.

De energielabel-regeling in de BPM wordt geïntensiveerd; de bonus voor energiezuinige auto's wordt groter; de malus voor slurpers wordt ook verhoogd.

Tenslotte wordt vanaf 2008 de BPM telkens per jaar met 5% verlaagd terwijl daartegenover de motorrijtuigenbelasting verhoogd.

Verlenging van de termijn voor de Openbaar-vervoer-pas:

Werknemers die bij het reizen van en naar het werk verkeershinder ondervinden van wegwerkzaamheden, kunnen zonder fiscale gevolgen een grotendeels door de overheid gefinancierde openbaarvervoerkaart ontvangen voor alternatief vervoer, naast de onbelaste reiskostenvergoeding voor woon-werkverkeer die een werkgever kan verstrekken. De periode voor deze tegemoetkoming wordt vanaf 2008 verlengd van 6 naar 24 maanden.

Voor trouwe openbaar-vervoer-reizigers die hinder ondervinden van vertragingen omdat dezelfde overheid de spoor-infrastructuur tientallen jaren verwaarloosd heeft, is er geen tegemoetkoming.

Beperking en afschaffing regeling voor buitengewone uitgaven:

De aftrek in de inkomstenbelasting voor buitengewone uitgaven voor kosten van ziekte en invaliditeit vervalt met ingang van 1 januari 2009. In plaats daarvan wordt een nieuwe regeling geïntroduceerd voor chronisch zieken en gehandicapten. Voor het jaar 2008 blijft de ziektekostenaftrek zoals we die kennen in stand, zij het dat de aftrek van premies vervalt, terwijl daartegenover de drempel voor aftrek verlaagd wordt.

De aftrek van hypotheekrente:

Tot 2008 was het maximumbedrag voor de berekening van het huurwaardeforfait maximaal € 9.150. Dat maximum vervalt in 2008 waardoor voor woningen boven de € 1.663.636 de huurwaarde hoger wordt.

De huurwaarde voor woningen met een WOZ-waarde boven € 1.000.000 wordt uiteindelijk 2,35% voor het deel van de waarde dat uitgaat boven € 1.000.000. Deze verhoging wordt in stappen uitgevoerd in een periode van 9 jaar. Pas in 2016 geldt het genoemde percentage van 2,35%.

Het tarief voor de omzetbelasting (BTW):

Het algemene btw-tarief blijft in 2008 nog 19%. In 2009 gaat het van 19% naar 20%.

De vliegbelasting:

Na 1 juli 2008 is er een nieuwe belasting op vliegtickets: de vliegbelasting. Deze wordt geheven van de luchthavenexploitant en bedraagt per vertrekkende passagier € 11,25 voor EU-landen en voor afstanden tot 2500 km. Voor langere afstanden en reizen naar landen buiten de EU is de belasting € 45.

De spoelwatervrijstelling:

De spoelwatervrijstelling in de grondwaterbelasting vervalt. Tja....

Het tarief voor de omzetbelasting (BTW):

Het algemene omzetbelastingtarief blijft in 2008 nog 19%. In 2009 gaat het tarief van 19% naar 20%.

BTW op brandstofbonnen

De belastingdienst verleent teruggave van omzetbelasting op bonnen van tankstations, zolang vaststaat dat je als zelfstandige de brandstof tankt voor de auto die je in je onderneming gebruikt. Om die reden adviseren wij altijd onze clienten om brandstof te betalen via een pinpas.

Er is nu een bedrijf dat tankpassen verkoopt dat op een vrij onbeschofte manier van deze regel gebruikt maakt om reclame voor hun product te maken. Trap er niet in. Méér hierover onder: Brandstofkosten en omzetbelasting.

Een brief van de belastingdienst over de winstvrijstelling

De belastingdienst heeft eind mei 2007 aan iedere zelfstandige een brief geschreven over de winstvrijstelling. Die brief is voor bijna iedereen onduidelijk, zoals bijna alle andere brieven van de belastingdienst. Waar het om gaat is dat in 2007 de winst uit onderneming 10% lager wordt belast. Daar weten we alles van. Zie De winstvrijstelling. Bij de voorlopige aanslagen is daarmee geen rekening gehouden. Is dat nu erg? Nee, want voorlopige aanslagen zijn gebaseerd op een schatting van het inkomen aan de hand van de inkomensgegevens uit voorgaande jaren. Die schatting klopt voor de toekomst nooit. Het inkomen van 2007 is aan zoveel wijzigende invloeden onderhevig dat het echt geen fluit uitmaakt of er met die winstvrijstelling wel of niet wordt rekening gehouden. Deze brief leidt alleen maar tot de vraag: 'Wat moet ik hiermee?'.

Wat doen wij ermee? In juli maken wij voor onze cliënten weer schattingen voor de belastingjaren 2007 en 2008. Daarin houden we rekening met deze lagere belastingdruk. De brief van de belastingdienst kun je dus gewoon verscheuren.

De onderwijsvrijstelling in de BTW; veranderingen of toch niet?

Er geldt een vrijstelling van hefffing van omzetbelasting voor beroepsonderwijs. Wie beroepsonderwijs verzorgt is over de vergoeding voor zijn onderwijsprestaties geen omzetbelasting verschuldigd. Wij hebben nogal wat cliënten die onderwijs of trainingen verzorgen, en met deze vrijstelling van doen hebben.

De vrijstelling is niet altijd even gunstig; de consequentie ervan is namelijk dat je daardoor een deel van de omzetbelasting op je beroepskosten niet kunt terugvragen. Tot voor kort had je in Nederland de mogelijkheid om de onderwijsvrijstelling naar keuze wel of niet toe te passen. Voor een opdrachtgever die omzetbelastingplichtig is liet je dan bij voorkeur de vrijstelling buiten beschouwing. Immers, die opdrachtgever kreeg de omzetbelasting toch wel terug. Bovendien mocht je dan des te meer omzetbelasting op je eigen beroepskosten terugvragen.

Een verordening van de Raad van Europa heeft per 1 juli 2006 er toe geleid dat alle beroepsonderwijs vrijgesteld moet zijn. Dat zou het einde betekenen van de mogelijkheid om de onderwijsvrijstelling naar keuze wel of niet toe te passen. De staatssecretaris van Financiën heeft vervolgens een overgangsregeling toegestaan, waardoor nog gedurende een jaar voor oude contracten de keuzevrijheid mocht blijven bestaan. De ingangsdatum voor deze toestemming is echter voordurend verschoven omdat de grotere trainingsbureaus en onderwijsinstellingen er kennelijk niet voor klaar waren. De laatst vastgestelde ingangsdatum was 1 april 2007. Ook deze is nu op het laatste moment verschoven, en wel naar de lange baan.

Dat betekent dat trainers tot nader order de vertrouwde keuzevrijheid voor omzetbelasting op beroepsonderwijs mogen blijven toepassen. Meer hierover in het artikel: Het geven van onderwijs of training.

Waar blijven toch de aanslagen inkomstenbelasting?

De achterstanden bij het opleggen van aanslagen inkomstenbelasting bij de belastingdienst zijn enorm. Zelfs over 2003 en 2004 zijn er nog aanslagen op te leggen. Die over 2005 zullen binnenkort gaan komen, zij het voorlopig alleen voor particulieren. De aanslagen over 2005 voor zelfstandigen verwachten we pas in de loop van 2007.

Dat kan betekenen dat ook de rentevergoeding op de aanslagen oploopt. Daar valt niets tegen te doen, tenzij je zelf nadrukkelijk verzoekt om een voorlopige aanslag. Als je dat wilt, raden we je aan met ons hierover contact te leggen.

Zelfstandigenaftrek in 2007

De zelfstandigenaftrek is in 2007 opnieuw omhoog gegaan. De juiste bedragen voor zover ze bekend zijn vind je onder: Ondernemersaftrek: tabellen.

Afgezien van verhoging van de bedragen zijn er drie nieuwe vormen van zelfstandigenaftrek ingevoerd:

  • De zelfstandigenaftrek voor oudere zelfstandigen

Tot en met 2006 gold het recht op zelfstandigenaftrek uitsluitend voor zelfstandigen die jonger zijn dan 65 jaar. De veronderstelling daarachter was dat de bedoeling van de zelfstandigenaftrek, ruimte creëren voor investeringen, niet van toepassing zou zijn op oudere zelfstandigen. Kletskoek. Daarin is nu verandering gekomen.

Vanaf 2007 kunnen ook zelfstandigen die 65 jaar of ouder zijn zelfstandigenaftrek genieten. Echter voor 50% omdat ze tegelijkertijd ook recht hebben op aow, waardoor al extra ruimte in de onderneming ontstaat voor investeringen.

Een goeie maatregel. De gebruikelijke voorwaarden voor ondernemersaftrek blijven van toepassing.

  • De zelfstandigenaftrek voor arbeidsongeschikte startende ondernemers

Om de arbeidsparticipatie van gedeeltelijk arbeidsongeschikten te bevorderen mag de stap naar ondernemerschap niet fiscaal belemmerd worden. Door hun handicap of ziekte kunnen veel arbeidsongeschikten niet voldoen aan het gebruikelijke urencriterium van 1225 uur dat geldt voor de starters- en zelfstandigenaftrek. Daarom wordt met ingang van 2007 de startersaftrek bij arbeidsongeschiktheid ingevoerd.

Wanneer je arbeidsongeschikt bent en daarvoor een uitkering had en een onderneming wilt starten, kun je in de eerste drie jaren van je onderneming een beroep doen op deze regeling. Je moet daarvoor minimaal 800 uur werkzaam zijn als ondernemer en dat aannemelijk maken met een goede urenverantwoording.

De aftrekpost bedraagt 12.000, 8.000 en 4.000 in het eerste, tweede, respectievelijk derde jaar en is niet hoger zijn dan de winst zelf.

Méér informatie over deze regeling vind je onder: zelfstandigenaftrek voor arbeidsongeschikte starters. In het artikel: urenverantwoording bij ziekte vind je méér over de spanning tussen arbeidsongeschiktheid en het recht op ondernemersaftrekposten.

  • De winstvrijstelling of MKB-vrijstelling

Bovenop de zelfstandigenaftrek, startersaftrek en aftrek voor arbeidsongeschikte starters is er vanaf 2007 een winstvrijstelling. In tegenstelling tot de eerder genoemde aftrekposten is dit geen vast bedrag maar een percentage van de winst uit onderneming. Dat percentage is nu vastgesteld op 10%. In wezen is dit een tariefsverlaging van 10% voor de winst uit onderneming.

Ook hier geldt de voorwaarde dat je moet voldoen aan het urencriterium voor alle ondernemersaftrekposten.

Méér informatie vind je onder: De winstvrijstelling.

Omzetbelasting over opbrengsten uit persoonsgebonden budget

Het bieden van huishoudelijke hulp is in beginsel belast met 19% omzetbelasting wanneer je dat doet als zelfstandige. Wanneer je dat doet in loondienst of op grond van de zg. tweedagenregeling, is er geen heffing van omzetbelasting nodig.

Wanneer je echter huishoudelijke hulp biedt als zelfstandige, en de ontvanger van die hulp betaalt dat uit een zg persoonsgebonden budget, is deze hulp vrijgesteld van omzetbelasting. Dat betekent dat, wanneer je zelfstandig hulpverstrekker bent, je de zekerheid moet krijgen van de hulpgenieter dat deze daarvoor een 'indicatie' heeft gekregen op grond van de ABWZ. Het is de gemeente die deze indicatie afgeeft, of een door de gemeente aangewezen indicatiebureau (vaak CIZ genoemd).

Wanneer de indicatie ontbreekt, zul je 19% omzetbelasting moeten doorberekenen aan de zorggenieter.

Teruggave van inkomstenbelasting via een T-biljet

De teruggaafregeling voor de inkomstenbelasting via het T-biljet is met terugwerkende kracht vergemakkelijkt. Tot voor kort moest een T-biljet drie jaar na afloop van het kalenderjaar ingeleverd zijn, en de gevraagde teruggave moest minstens € 13 zijn. Een verlenging tot 5 jaar was mogelijk mits je dan recht had op teruggave van méér dan € 454.

De termijn voor een teruggaafverzoek is nu verlengd van 3 naar 5 jaar. Bovendien vervalt het drempelbedrag van € 454. Deze verruiming van de teruggaafregeling geldt voor de belastingjaren 2001 en later.

Wanneer je ooit een T-biljet niet hebt ingediend omdat het niet zou lonen, of wanneer een verzoek om teruggave door de huidige regelgeving is afgewezen, dan kun je nu alsnog een verzoek indienen. Wij weten niet wie van onze cliënten ooit een T-biljet niet hebben ingediend wegens een te gering belang. Mocht je denken alsnog hiervoor in aanmerking te komen, neem je dan even contact op?

Aanmaning voor de opgave tegemoetkoming kinderopvang

De belastingdienst heeft in november 2006 weer aanmaningen verstuurd aan hen die de opgave voor de tegemoetkoming kinderopslag nog niet hebben ingediend. Hierin wordt gedreigd de tegemoetkoming op € 0 te stellen wanneer niet binnen 6 weken de opgave gedaan is. Echter, wanneer uitstel van indiening van de aangifte inkomstenbelasting is verleend, hoeft die opgave nog niet gedaan te worden. Sterker nog, het kan niet eens zonder de aangifte inkomstenbelasting.

Wanneer je hierover contact krijgt met de belastingdienst krijg je te horen dat de aanmaning als 'niet verzonden' moet worden beschouwd. En sinds kort worden daar zelfs excuses voor aangeboden.

Wees in elk geval gerust; uitstel van de aangifte veroorzaakt geen schade voor de tegemoetkoming kinderopvang.

Het zorgstelsel 2006

Vanaf 2006 geldt een nieuw stelsel voor de verzekering van ziektekosten. Dat stelsel is er onder meer gekomen om de maatschappelijke kosten van de zorg te beperken. Een modernisering van de zorgverzekering was zeker nodig. Voor de consument betekent dit toch in veel gevallen hogere kosten, vooral voor wie geen kinderen heeft. Bovendien heeft de bureaucratie hierdoor weer een geweldige impuls gekregen.

De premielast bestaat voortaan uit een

  • nominale premie voor de basisverzekering
  • een nominale premie voor een aanvullende verzekering
  • een inkomensafhankelijke premie van 6,5% voor iedereen, behalve voor zelfstandigen die 4,4% moeten betalen
  • en voor sommigen staat daar tegenover een kleine tegemoetkoming die zorgtoeslag heet

Tamelijk ingewikkeld.

Daarbij komt dat de inkomensafhankelijke premie en de zorgtoeslag eerst voorlopig worden vastgesteld, en veel later definitief. De belastingdienst doet die vaststellingen door middel van aanslagen. Je zult dus eerst een voorlopige aanslag krijgen, en na afloop van het kalenderjaar een definitieve aanslag.

Voor wie een zelfstandige praktijk heeft wordt het nu wel erg lastig om inzicht te houden in wat je kwijt bent aan zorgverzekering. Bij wisselende inkomsten kom je voor verrassingen te staan die het ene jaar prettig zijn, maar in een ander jaar heel vervelend kunnen zijn.

Er is veel geroepen over zelfstandigen die de dupe zullen zijn van het nieuwe zorgstelsel. Dat valt wel mee, denken we. Zelfstandigen zijn vergeleken met niet-zelfstandigen meestal toch stukken goedkoper uit. Of je er in vergelijking met 'vroeger' op vooruit of achteruit gaat is een heel andere vraag.

Wel is het zo dat ouders met kinderen er verhoudingsgewijs op vooruit gaan, en alleenstaanden een grotere kans hebben op hogere zorglasten dan voorheen. Of dat in elk individueel geval opgaat is de vraag.

We hebben enkele artikelen geschreven die vooral een beter inzicht moeten geven in wat je vanaf nu kwijt bent voor je zorgverzekering. We hopen dat we zó helder zijn dat de onzekerheid daardoor minder wordt. De artikelen zijn:

Achterstand in de afhandeling van aanslagen en aangiften

De belastingdienst heeft op alle gebied grote achterstanden. De meest pijnlijke is die bij de aanslagen over 2003 en 2004 waarop een teruggave inkomstenbelasting te verwachten is. De belastingdienst heeft ontdekt dat in sommige gevallen door een softwarefout teveel belasting werd teruggegeven. Daarom zijn nu alle aanslagen die leiden tot teruggave geblokkeerd. Vervolgens worden ze individueel beooordeeld.

Dat leidt tot grote vertraging. Een jaar vertraging is niets bijzonders. En dat geeft je misschien liquiditeitsprobemen, of een probleem bij de afrekening van subsidies. De meeste instanties die vragen naar definitieve aanslagen weten overigens van de problemen bij de belastingdienst. Een schrale troost is dat er uiteindelijk een behoorlijke rentevergoeding wordt gegeven.

Hierover bellen of schrijven heeft geen zin, is onze ervaring. Geduld oefenen wel.

De Verklaring Arbeidsrelatie (VAR)

De verklaring arbeidsrelatie begint steeds meer een rol te spelen in de verhoudingen tussen opdrachtgever en opdrachtnemer. De verklaring geldt nu nog maar voor één jaar en wordt alleen afgegeven voor zeer specifiek omschreven activiteiten. Bovendien wordt de belangrijkste verklaring, die alle twijfel over je zelfstandigheid uitsluit, alleen nog afgegeven aan zelfstandige ondernemers. Dat betekent dat het niet altijd even makkelijk is om hem te krijgen, terwijl er juist steeds meer naar wordt gevraagd.

Onze cliënten die zo nu en dan anderen 'inhuren' voor werkzaamheden hebben in de praktijk geen andere keuze dan ofwel de medewerker in loondienst te nemen, ofwel een verklaring arbeidsrelatie te eisen. Tussenwegen zijn er bijna niet.

Je kunt hier méér over lezen in onze artikelen over de VAR. Klik op:

Kosten van werkruimte

De aftrek van kosten voor de werkruimte in de woning is vanaf 2005 in de meeste gevallen niet meer mogelijk. Alléén voor 'zelfstandige' werkruimten die niet verweven zijn met de woning is aftrek nog mogelijk, en voor elders gehuurde ruimten. Méér in de artikelen onder:

Bestelauto zonder BPM

Sinds 2005 geldt dat een ondernemer die een bestelauto koopt bij aankoop net als iedereen de Belasting van Personenauto's en Motorrijwielen (BPM) moet betalen. Na de koop kan de zelfstandige, wanneer de bestelauto inderdaad voor de onderneming wordt gebruikt, deze BPM terugvragen bij de belastingdienst. Meestal wordt de BPM binnen een maand al terugbetaald. Toch is dit voor velen een lastige procedure omdat je de BPM moet voorfinancieren, nog afgezien van de bureaucratie.

Om daaraan tegemoet te komen is nu aangekondigd dat ondernemers de BPM niet meer hoeven te betalen bij aankoop, mits ze een verklaring van de belastingdienst aan de autoleverancier kunnen overleggen waaruit blijkt dat ze als ondernemer bekend staan.

En zo wordt de ene ingewikkeldheid ingeruild voor de andere ingewikkeldheid. In ieder geval is hiermee het probleem van de voorfinanciering van BPM voor velen opgelost. En de bureaucratie heeft er weer een leuke formaliteit bij. De nieuwe regeling gaat vermoedelijk pas in het najaar van 2006 in werking.

Méér over de BPM onder

Werkruimte te huur

We krijgen bij Beeldrijk nogal eens de vraag of we ergens een goede werkruimte weten. We krijgen ook wel eens de vraag of we een mogelijke huurder voor een werkruimte kennen. Dat heeft ons er toe gebracht om op onze website vraag een aanbod te melden. Inmiddels hebben we er goede ervaringen mee. Onze melding leidt in elk geval tot reacties. Wanneer je zelf werkruimte zoekt of wilt aanbieden dan is dit de plek waar je je boodschap kwijt kunt. Bel ons maar als je wat hebt of zoekt.

Terug