© ZOO

Onze nieuwsbrief voor 2012

Hier is weer onze nieuwjaarsbrief, dit keer voor het jaar 2012. Je krijgt hem al in december omdat enkele van de onderwerpen die we hier aan de orde stellen direct vanaf 1 januari 2012 van belang zijn.

We vertellen je eerst iets over Beeldrijk en gaan daarna over op het behandelen van actuele fiscale onderwerpen.

Wij en onze cliënten

Al is er niet zo veel spectaculairs over onszelf te melden beseffen we juist dáárdoor dat we een stabiel kantoor te zijn. We zijn nog steeds met Tanja, Gonneke, Nanja, Helle, Richard en Jan. Allen een jaartje ouder en wijzer, en hoe ouder je bent, des te harder dat gaat. Maar los van dat verandert ons leven ook wel op een prettige manier. Richard is weer vader geworden; dit keer van Amos Bart. Hij wordt in levensvreugde op enige afstand gevolgd door Helle die veel reist met haar lief in een nieuwe bus en door Nanja die sinds kort een prachtig atelier in het modekwartier heeft. Tanja volgt met veel plezier een opleiding aan De Nieuwe Academie. Gonneke ziet haar kinderen gezond uitvliegen en heeft net haar begeerde rijbewijs. Tenslotte heeft Jan weer eens een nieuwe aandachttrekkende fiets. Met Helle's pols gaat het gelukkig weer goed.

We zijn gaan beseffen dat velen van onze cliënten al heel lang bij ons zijn. Sommigen al zo'n 15 tot 20 jaar. Daar zijn we danig trots op. Tegelijkertijd merken we dat we het iedere keer weer plezierig vinden om net afgestudeerde jongeren als nieuwe cliënt te ontvangen. Dat houdt ons fris en de ogen open.

Het fiscale landschap

De crisis wordt voelbaar. Temeer omdat tegelijkertijd het kabinetsbeleid op verschraling gericht is. Velen van onze cliënten zijn werkzaam in zorg of natuur, of verdienen hun inkomen met vrije expressie of creatieve dienstverle­ning. Dat zijn sectoren waar verschraling harde gevolgen heeft. Daarbij komt nog dat de cynische toon die in de politiek gezet wordt er toe leidt dat natuur- en land­schapsbehoud, geestelijke zorg, en kunstbeoefening in toenemende mate als linkse onzin beschouwd worden. Het zijn harde tijden voor wie de samenleving aan het hart gaat.

De financiële crisis komt ook terug in de vorm van een sterk gevoel van onzekerheid. De crisis is het gevolg van een uit de hand gelopen hebzucht van overheden, banken en andere instellingen van wie we dat nooit zó verwacht hadden als nu is gebleken. De handel in hypotheken, ver­zekeringen en beleggingen is de grootste georganiseerde diefstal van de laatste 30 jaar gebleken, en de overheid heeft er bij staan klappen. De schade dragen we nu alle­maal, maar niet in gelijke mate.

Het is geen wonder dat de roep om hervormingen komt te staan tegenover het verlangen om te houden wat je hebt. De voortdurende discussie zonder oplossing over de hypotheekrente-aftrek is daar het duidelijkste voorbeeld van. Intussen wordt de pijn alleen maar uitgesteld en niet verholpen of voorkomen. Op de hypotheekrente komen we later in deze nieuwsbrief nog terug.

Opnieuw zijn er drastische veranderingen in de belasting­regels. Dat is niet erg, maar waarom iets nieuws bijna al­tijd weer nieuwe ingewikkeldheden en bureaucratie met zich mee moet brengen blijft raadselachtig. De automati­sering bij de overheid speelt daarin een belangrijke rol. Ingewikkelde regelgeving wordt mede mogelijk gemaakt door computerverwerking, maar tegelijkertijd maakt de automatisering het de belastingbetalers bijna onmogelijk om aan alle eisen te voldoen.

Vooral ouderen worden gek van de vele aanslagen, toesla­gen, indientermijnen, aanvraagtermijnen en wijzigingsfor­mulieren die door computers worden beheerst. Boven­dien: als je eens een fout maakt zijn de gevolgen niet mis.

Er zijn ook wel wat voordelen aan die automatisering: je weet beter waar je aan toe bent. Discussies worden sneller beslecht en we kunnen ons meer richten op de toekomst dan op procedures. Een tweede goede ontwikkeling is dat aangiften sneller verwerkt worden en aanslagen véél snel­ler afgewikkeld zijn.

We hebben tenslotte wat last van veel ad hoc regelgeving. De btw op autokosten bijvoorbeeld, die we hierna be­handelen, is al vaak veranderd. In 2011 is die zelfs twee keer volledig op z'n kop gezet, met regels die deels op 1 juli en deels op 7 oktober ingaan. Hoe verzin je het?

Genoeg gefoeterd!

We behandelen hierna wat nieuwigheden als: de vitali­teitsregelingen, de giften aan ANBI-instellingen, de toe­slagen, het erven bij fiscaal partnerschap, het nut van hy­potheekaflossing, de middeling van inkomens, de afkoop van woekerpolissen. Vooral voor de zelfstandigen zijn er de onderwerpen: zelfstandigenaftrek, btw op autokosten, de werkruimte in de huurwoning en de btw op kosten van werkruimte.

Vitaliteit

Nieuwe regels zijn er om je in staat te stellen langer door te werken met fiscale ondersteuning. Er zijn er twee: de werkbonus en het vitaliteitssparen.

De werkbonus betekent dat wie 62 jaar of ouder is een extra heffingskorting krijgt van maximaal € 2.350. De re­geling is vooral aardig voor hen die wat langer na hun 65e levensjaar willen doorwerken. Enkele oude regelingen die ongeveer hetzelfde beoogden vervallen met ingang van 2013.

Het vitaliteitssparen betekent dat je maximaal € 5.000 per jaar mag wegzetten op een geblokkeerde spaarrekening totdat er maximaal € 20.000 op staat. De stortingen op die rekening mogen van het inkomen worden afgetrok­ken. Wanneer je weer opneemt zijn de opnamen belast. Het vitaliteitskapitaal dat niet wordt opgenomen wordt uiterlijk op je 65e verjaardag belast. Het vitaliteitssparen is een aardige regeling voor hen die al eerder willen ophouden met werken en tot hun 65e een redelijk inkomen willen behouden. Maar ook voor hen die een sabbatsperiode willen, een onderneming willen starten, zorg aan kinderen, kleinkinderen en hun partner willen geven, of studieverlof willen.

Aflossing van je hypotheek

We hebben met velen van onze cliënten al eens gesproken over de al of niet wenselijkheid van aflossing van de hypo­theekschuld. Meestal was de aanleiding een meevaller; een schenking door ouders bijvoorbeeld, of een vrijgeko­men verzekeringspolis. Wij hebben daarbij vaak gepleit voor vervroegde aflossing, zeker omdat de hypotheekrente hoger is dan het rendement op sparen en beleggen. Ons advies ging vaak in tegen het heimelijk verlangen om ei­genlijk de meevaller te besteden aan de gedroomde knal­gele cabriolet. Maar we gingen óók in tegen de heersende opvatting dat het fiscaal onverstandig zou zijn om ver­vroegd af te lossen. Op internet vind je bijna alléén maar advies om het niet te doen. Advies dat gekleurd is door banken en adviseurs die er aan verdienen dat je op de pof leeft.

We hebben nu een rekenmodel ontwikkeld voor de vraag hoeveel voordeel het aflossen van de hypotheek brengt. Zo'n rekenmodel is knap ingewikkeld, omdat de fiscale invloeden heel groot en divers zijn. Zo maakt het nogal wat uit hoeveel belasting je betaalt, hoeveel jaar je nog hebt tot je 65e, hoe hoog de boeterente is, en nog véél meer variabelen. De uitkomsten die we krijgen zijn zeer opmerkelijk. We zijn er zèlf vaak verbaasd over.

Mocht je wel eens met de gedachte aan hypotheekaflos­sing spelen, stel dat dan aan de orde wanneer je bij ons op bezoek bent met je jaarlijkse fiscale gegevens. Wie weet welke verrassing we je kunnen voorschotelen. Of teleur­stelling omdat je partner er dan helemáál van overtuigd is dat die gele cabriolet weggegooid geld is.

Méér hierover op: Moet ik mijn hypotheek aflossen of juist niet?

Aftrek van giften

Wanneer je giften doet aan goede doelen kun je die af­trekken van je inkomen voor de berekening van inkom­stenbelasting. Dat is al een halve eeuw zo. Maar sinds kort is daarvoor vereist dat het goede doel een Algemeen Nut Beogende Instelling is, ofwel een ANBI. Er bestaat ook het begrip Sociaal Belang Beogende Instelling, of SBBI. Dat zijn bijvoorbeeld sportverenigingen of buurt­huizen. Daarvoor geldt géén giftenaftrek. Voor beiden geldt wèl dat je bij testamentaire beschikking een schen­king kunt doen die geheel vrij is van erfbelasting.

Het is belangrijk, wanneer je giften wilt aftrekken, dat je zeker weet dat de begiftigde een ANBI is. Je kunt dat bij de instelling zelf navragen, en ook op de website van de belastingdienst nakijken.

Het voorstel van het kabinet om giften aan culturele in­stellingen extra aftrekbaar te maken is in het parlement ter discussie gesteld omdat het toch een beetje raar en on­doordacht was. De uitkomst is ons nu nog niet duidelijk.

Méér hierover op: Fiscaal partnerschap

Je recht op inkomenstoeslagen

We hebben in het afgelopen jaar geconstateerd dat velen die in aanmerking zouden komen voor een inkomenstoe­slag, die nooit aangevraagd hebben. Soms is dat wel lo­gisch als vroeger het inkomen daarvoor te hoog was. Maar bij een lager inkomen kan de behoefte aan toeslag toch wel opkomen.

Het lastige voor ons is dat het aanvragen en vaststellen van toeslagen zich buiten ons gezichtsveld afspeelt. We le­veren wel het daarvoor vereiste 'verzamelinkomen' of 'toetsingsinkomen' maar òf er een toeslag wordt aange­vraagd en hoe hoog die wordt zien we niet. Het is dus on­mogelijk om daar actief op te letten. Daarom geven we hier nog een paar van de normen zodat je zelf kunt be­oordelen of je mogelijk in aanmerking komt voor toe­slagen. Dit zijn hoogstens indicaties. Of je echt in jouw geval in aanmerking komt kun je pas vaststellen met een proefberekening op www.toeslagen.nl.

We geven hier de criteria in afgeronde bedragen omdat de juiste cijfers voor 2012 nog niet exact bekend zijn.

Voor huurtoeslag moet de huurprijs liggen tussen € 220 en € 630. Je verzamelinkomen mag hoogstens € 21.500 zijn, of wanneer er toeslagpartners zijn hoogstens € 30.000. Er is ook een vermogenstoets. Je vermogen mag hoogstens € 21.100 per persoon bedragen. Milieusparen wordt daar ook toe gerekend.

De zorgtoeslag is bereikbaar wanneer je inkomen maxi­maal € 35.000 bedraagt als je alleen bent en ongeveer € 51.000 wanneer je met z'n tweeën bent. Wanneer het in­komen minder is dan € 20.000 krijg je het maximum be­drag aan uitkering en dat is ongeveer € 840 voor alleen­staanden en € 1.750 voor paren.

De kinderopvangtoeslag is afhankelijk van het gezins­inkomen, van het aantal opvanguren, het uurtarief van de opvanginstelling, en van het aantal kinderen. De bereke­ning is zó ingewikkeld dat we er hier geen criteria voor geven. Maar ongeacht de hoogte van je inkomen, je ver­mogen, of het aantal uren dat de kinderen opvang genie­ten, heb je altijd recht op een toeslag. Het is daarom ver­standig hem hoe dan ook aan te vragen wanneer je ge­bruikt maakt van een gastouder of een opvanginstelling. Vanaf 2012 kan dit met terugwerkende kracht van maxi­maal 1 maand. Tijdig aanvragen is dus belangrijk. Wijzi­gingen kun je wel doorgeven over een langere periode.

Voor de overige toeslagen geldt dat de aanvragen voor 2011 vóór 1 april 2013 moeten zijn gedaan. De afreke­ning volgt meestal enkele weken nadat je aangifte inkom­stenbelasting over 2011 is ingediend. Ook over 2010 kun je nog een aanvraag doen, maar dan wèl vóór 1 april 2012. Wanneer je onzeker bent of je inkomen wel laag ge­noeg is dan raden we je aan tòch de aanvraag te doen. Mocht je inkomen lager uitpakken dan je verwachtte, heb je tenminste tijdig je recht opgevraagd.

In 2012 blijven dezelfde toeslagen gelden. Het systeem van de toekenning verandert wel. Vanaf 2012 ontvang je over alle toeslagen tegelijk bericht, op één brief. Je kan vanaf 2012 ook altijd je situatie op internet inzien en ge­gevens wijzigen. 'Mijn Toeslagen' heet dat dan. De wijzi­gingen worden dan bij alle toeslagen tegelijk toegepast.

Vanaf 2013 worden door de bezuinigingsplannen van het kabinet voor alle toeslagen de criteria verscherpt en de uitkeringen verlaagd.

Méér hierover op: Toeslagen op het inkomen

Huurtoeslag en de vermogensgrens

Voor het recht op huurtoeslag is er een vermogensgrens, die gelijk is aan de vermogensvrijstelling in box 3 voor de inkomstenbelasting. Huurtoeslag krijg je alléén wanneer je spaartegoeden e.d. niet boven die grens uitkomen. In 2012 is die vrijstelling lager omdat de vrijstellingen voor kinderen wegbezuinigd zijn. Dat heeft weliswaar een mi­nimaal effect in de inkomstenbelasting, maar voor het recht op huurtoeslag kan dit grote gevolgen hebben. De grens per 1 januari 2012 bedraagt € 21.139 per partner. Kom je daar boven, dan verlies je in 2012 je recht op huurtoeslag. Het zou kunnen zijn dat het tijdig aanschaf­fen van nieuwe vloerbedekking of nieuwe fietsen je huur­toeslag kan redden. Mocht je huurtoeslag ontvangen, kijk dan even goed naar je huidige banksaldi.

Middeling

Er is een regeling die beoogt dat je bij sterk wisselende jaarinkomens de hoge en lage bedragen voor inkomsten­belasting kunt 'afvlakken'. Die regeling heet 'middeling'. De essentie is dat het extra hoge progressieve belastingta­rief op het hoge inkomen omlaag kan wanneer je het be­lastingtarief berekent over een gemiddelde van drie jaarinkomens. In de afgelopen jaren was het erg moeilijk om hier greep op te krijgen, omdat de belastingdienst chronisch achter­liep met de aanslagen. Dat is nu voorbij. In 2011 hebben we een systematische actie kunnen uitvoeren om bij ie­dereen na te gaan of er voordeel te behalen is, en zo ja, over welke jaren dat kon zijn.

Het komend jaar doen we dat opnieuw. Het is vrij ar­beidsintensief omdat we niet alleen per persoon moeten vaststellen òf er voordeel is en in welke jaren, maar ook een verzoek aan de belastingdienst moeten richten àls er succes inzit. Bovendien kan zo'n verzoek pas gedaan wor­den wanneer we zeker weten dat de definitieve aanslagen zijn opgelegd.

We doen die verzoeken alléén wanneer het voordeel meer bedraagt dan € 150, omdat anders de kosten er niet te­genop wegen. Wanneer je zelf vermoedt dat er een midde­lingsvoordeel is door sterk wisselende inkomens, kun je ons ook even attenderen. Vooral wanneer je nog maar kort cliënt bij ons bent en wij niet alle oude aangiften van je hebben, kan dat zinvol zijn.

Afkoop van lijfrentepolissen

We zijn altijd nogal voorzichtig geweest met het aanraden van lijfrentepolissen en kapitaalverzekeringen, omdat het nut daarvan vaak sterk overdreven werd door de tussen­personen die er mee leurden. Inmiddels weten we dat het nog veel erger is dan we ooit vermoedden.

Het zijn overigens niet alleen de frauduleuze levensverze­keringen waar dit over gaat. Er zijn ook talloze en vaak onnodige verzekeringen afgesloten in het kielzog van een hypotheekverstrekking. Daarbij werd de premie over 30 jaar in één keer betaald en gefinancierd met die hypo­theek. Een peperdure wijze van financiering. Het was echt niet alléén de dsb-bank die zich aan deze praktijken heeft bezondigd.

Er zijn compensatieregelingen gemaakt voor de slachtof­fers. Je kunt je eigen verzekeringen toetsen op het woeker­gehalte door te kijken op www.woekerpolis.nl. Pas op met internet; er zijn inmiddels veel tussenpersonen die onder het zoekwoord 'woekerpolis' proberen je opnieuw iets aan te praten.

Mocht je inmiddels besloten hebben om je lijfrenteverze­kering af te kopen, dan gelden er wat fiscale faciliteiten. Die zijn nodig omdat afkoop van een lijfrente in beginsel tot forse belastingheffing leidt. Sommige lijfrenteverzeke­ringen, namelijk die met een waarde tot ongeveer € 4.200, kunnen wat gunstiger en makkelijker worden af­gekocht.

Zie ook: Afkoop van lijfrentepolissen

Fiscaal partnerschap

Fiscaal partnerschap betekent dat de aangiften inkom­stenbelasting van twee partners in samenhang worden ge­maakt. Het voordeel is dat je kunt profiteren van een gun­stiger behandeling van aftrekposten en van een gunstiger verdeling van vermogensbestanddelen. Vroeger kon je voor dat partnerschap kiezen; vanaf 2011 staat je fiscaal partnerschap vast aan de hand van criteria:

  • wanneer je gehuwd bent
  • wanneer je geregisteerd bent als partner
  • wanneer je ongehuwd samenwoont en een nota­rieel samenlevingscontract hebt gesloten
  • wanneer je ongehuwd samenwoont in combinatie met òf een gezamenlijk kind òf een gezamenlijke eigen woning òf elkaar hebt aangewezen als pensioenpartners
  • wanneer je ongehuwd samenwoont en één van beide partners een kind heeft dat bij hem of haar woont en op dat adres staat ingeschreven

Dit laatste criterium is nieuw voor 2012. Een goede aan­vulling.

Méér hierover op: Fiscaal partnerschap

Erfbelasting en partnerschap

Voor de erfbelasting geldt óók een fiscaal partnerschap dat echter iets afwijkt van dat voor de inkomstenbelasting. Het partnerschap bij de erfbelasting is erg belangrijk wanneer één van de partners komt te overlijden en er erf­belasting moet worden betaald over de boedel. De ach­tergebleven partner betaalt dan aanzienlijk minder erfbe­lasting.

Dat partnerschap heeft de volgende criteria:

  • Je bent gehuwd en niet van tafel en bed geschei­den
  • Je bent geregistreerd partners en niet van tafel en bed gescheiden
  • Je woont samen en bent beiden meerderjarig, en je hebt gedurende minstens 5 jaar een gezamen­lijke huishouding gevoerd, die kan worden aan­getoond met een inschrijving bij de gemeente
  • Je bent beiden meerderjarig, woont minder dan 5 jaar samen, en je bent ingeschreven op hetzelf­de woonadres èn je hebt een notariële samenle­vingsovereenkomst gedurende minstens 6 maan­den. Daarin moet een wederzijdse zorgplicht opgenomen zijn. Bovendien ben je geen bloed­verwanten in de rechte lijn, tenzij je gedurende een jaar vóór overlijden een mantelzorgcompli­ment hebt genoten van de andere bloedverwant.

De eis dat je een notarieel samenlevingscontract hebt bij het laatstgenoemde criterium gaat in op 1 januari 2012. Als er vóór 2012 een notarieel samenlevingscontract met wederzijdse zorgplicht is opgesteld, dan worden de part­ners geacht te hebben voldaan aan de voor de erfbelasting geldende zesmaandstermijn. Een ingewikkeld verhaal, maar het leidt er wèl toe dat we samenwonenden adviseren om nog vóór 1 januari 2012 een bezoek aan de notaris te brengen om een notariële overeenkomst met wederzijdse zorgplicht te sluiten.

We hebben ervaring in het begeleiden van een afwikkeling van een erfenis en van de voorbereiding voor een aangifte erfbelasting. Mocht het zich bij je voordoen, dan kun je ons altijd benaderen voor ondersteuning.

Méér hierover op: Fiscaal partnerschap

Zelfstandigenaftrek

Vanaf 2010 is de zelfstandigenaftrek hoogstens het bedrag van de winst; het bedrag dat niet meer aftrekbaar is mag gereserveerd worden voor aftrek in latere jaren wanneer de winst voldoende is.

Vanaf 2012 is de zelfstandigenaftrek een vast bedrag: € 7.280. Nog steeds moet je voor de zelfstandigenaftrek voldoen aan het urencriterium. Dat wil zeggen dat je aan­nemelijk moet maken dat je minstens 1.225 uren in je on­derneming hebt gewerkt.

Wat betekent dit in de praktijk? Mensen met een lage winst, die recht hebben op zelfstandigenaftrek, hadden voorheen een hogere zelfstandigenaftrek. Hoe hoger de winst, hoe lager de zelfstandigenaftrek werd. Nu speelt dit geen rol meer. Het nieuwe bedrag is relatief hoog en het is voor de meeste zelfstandigen gunstig omdat zij met de vaste aftrek van 2012 een iets groter fiscaal voordeel heb­ben.

Lees meer hierover op: Zelfstandigenaftrek

Bankrekeningen

Vanaf midden 2012 houdt de belastingdienst voor nage­noeg alle belastingsoorten nog maar één bankrekening per persoon aan. Dit betekent dat alle toeslagen, terugga­ven inkomstenbelasting of bijdragen zorgverzekeringswet op dezelfde bankrekening worden gestort. De belasting­dienst zal dit per brief laten weten. Er geldt een uitzonde­ring voor de omzetbelasting; die kan wèl op een andere bankrekening worden gestort.

Oprichting van een BV

Regelmatig komt het voor dat één van onze zelfstandige cliënten met de vraag komt of omzetting van de onderne­ming in een BV handig zou kunnen zijn. Soms komt het initiatief van een adviseur die dat graag wil regelen. Soms ook worden er grote fiscale voordelen in het vooruitzicht gesteld.

Wij zijn daar erg voorzichtig in. De fiscale voordelen wor­den vaak schromelijk overdreven door weglaten van as­pecten die dat voordeel kleiner maken. Sterker nog, in véél gevallen is er sprake van fiscale nadelen voor een BV.

We hebben een rekenmodel ontwikkeld om de fiscale ge­volgen van de omzetting van een onderneming in een BV in beeld te brengen. Vraag ons liever eerst advies, vóór je onomkeerbare stappen zet. Er kunnen overigens ook heel goede redenen zijn om een BV op te richten; meestal in verband met aansprakelijkheid. Maar ook dáárover kun je met ons nuchter overleggen.

Méér over de BV: Fiscale voor- en nadelen van de BV

Werkruimte in de huurwoning

Door jurisprudentie zijn er nieuwe mogelijkheden geko­men voor het aftrekken van de kosten van een werkruimte in een gehuurde woning. In 2010 en 2011 hebben wij dit voor een vrij groot aantal cliënten onderzocht en dat heeft diverse keren geleid tot een forse aftrekpost. De behande­ling van de kosten van werkruimte in een huurwoning wijkt af van de behandeling daarvan in een eigendomswo­ning. Wanneer je werkruimte in een eigendomswoning in gebruik hebt, zijn de kosten daarvan alléén aftrekbaar wanneer sprake is van een 'zelfstandig' werkruimte.

Wanneer sprake is van werkruimte in een huurwoning, geldt die eis van 'zelfstandige' werkruimte niet. De criteria voor de aftrek van huurlasten zijn verbonden aan:

  • het ondernemerschap
  • het oppervlak van de werkruimte
  • het inkomen
  • de mate van gebruik van de werkruimte

Als je een werkkamer hebt in een huurwoning adviseren wij deze criteria, die verder zijn uitgewerkt op onze websi­te, door te nemen. Indien je verwacht dat deze mo­gelijkheden ook voor jou een aftrekpost opleveren is het verstandig om contact met ons op te nemen. Wij zullen het zelf aan de orde stellen wanneer je bij ons bent voor de jaarlijkse bespreking van de gegevens voor je aangifte.

Zie ook: Werkruimte in de huurwoning

Werkruimte en teruggave van btw

De kosten die je maakt voor een werkruimte in de eigen­domswoning zijn in beginsel niet aftrekbaar voor de in­komstenbelasting. Hierboven hebben we aangegeven dat het in sommige gevallen in een huurwoning wèl mogelijk is kosten af te trekken.

Voor de omzetbelasting gelden echter geheel andere crite­ria. Oók wanneer de kosten van de werkruimte in de wo­ning niet aftrekbaar zijn voor de winstberekening, mag de omzetbelasting op kosten voor die werkruimte wèl wor­den teruggevraagd. Het gaat hierbij vaak om kosten van energie en kosten van woningverbouwing voor zover die zijn toe te rekenen aan de werkruimte.

Zie ook: Omzetbelasting op de kosten van werkruimte

BTW op autokosten

Onder invloed van de rechtspraak moest in 2011 de wijze waarop je met btw op autokosten rekening houdt dras­tisch gewijzigd worden. We leggen het hier wat summier uit omdat het anders razend ingewikkeld is.

Voor de heffing van btw zijn er verschillende regelingen om het zakelijk gebruik van de auto te scheiden van het privégebruik. Die zijn noodzakelijk. Immers, waarom zou een zelfstandige bevoordeeld moeten worden ten opzichte van een niet-zelfstandige? Rechtvaardige belastingheffing betekent bij autogebruik dat er btw blijft drukken op au­togebruik in de privésfeer. De regels daarvoor zijn in 2011 deels onverbindend verklaard omdat ze onder in­vloed stonden van politieke sturing. Dat is in strijd met het beginsel dat btw-heffing economisch neutraal moet zijn.

Het gevolg was dat er voor sommige zelfstandigen even helemaal geen btw over het privégebruik hoefde te wor­den betaald. Niet goed voor de schatkist, en ook niet voor een juiste belastingheffing, dus de regels veranderden su­biet.

De nieuwe regels gelden voor alle gevallen. Of je de auto 'op de zaak' gezet hebt op juist in het privévermogen ge­houden hebt, maakt niet uit.

Vanaf nu moet de btw op autogebruik gesplitst worden aan de hand van een percentage dat berekend wordt door het totaal aantal kilometers in een jaar goed te splitsen in zakelijke kilometers en privékilometers. Som­migen van onze cliënten deden dat altijd al, maar voor ve­len was dat tot voor kort niet nodig.

Dat betekent:

  • een goede kilometeradministratie, waarin je minstens de zakelijke kilometers exact bijhoudt
  • het opnemen van de kilometerstand rond 31 de­cember
  • het goed bijhouden van de btw die je mag terug­vragen op autokosten

Dit klinkt voor sommigen vervelend maar we vermoeden dat het in veel gevallen een hogere teruggave van btw op­levert.

Wanneer je dit allemaal niet wilt, dan is er een gemakke­lijker methode beschikbaar om de btw over privégebruik en zakelijk gebruik te scheiden. Daarmee wordt de btw over privégebruik simpelweg bepaald op 2,7% van de ca­talogusprijs, en dat is doorgaans een paar honderd euro méér dan de berekening aan de hand van de kilometerbe­rekening. Als je onnodige belastingheffing wilt voorkomen is het belangrijk dat er goede gegevens over het gebruik van de auto moeten komen.

Voor wie tot nu toe alléén maar de zakelijke kilometers bijhield, geldt voor de splitsing van btw bijna hetzelfde verhaal. Eén complicatie is er wel en die is dat de kilome­ters in het woon-werkverkeer voor de btw als privékilo­meters gelden en voor de inkomstenbelasting als beroeps­kilometers.

We zullen de cliënten die het aangaat in de laatste week van het jaar per email nog eens attenderen op de nood­zaak van het noteren van de kilometerstand. We zullen je in diezelfde mail een spreadsheetmodel voor de autokos­ten meezenden, om je dit allemaal wat gemakkelijker te maken. Bovendien krijg je een model voor een ki­lometerstaat die je in de auto mee kunt nemen.

Méér kun je lezen op: Autokosten en btw

Hartelijke groet van ons van Beeldrijk:

  • Helle Wakkerman
  • Gonneke Ronner
  • Nanja van Dam
  • Richard Klooster
  • Tanja den Herder
  • Jan Berkelder

Foto's: Kerstlunch in Pannerden, Workshop houtbewerken in Westervoort, Dutch Design Week in Eindhoven, Rijnkade 3 in Arnhem.

Terug

Dit is voorlichting met het doel ingewikkelde fiscale materie toegankelijk en begrijpelijk te maken. Aansprakelijkheid voor de inhoud kan niet worden aanvaard.