Beeldrijk belastingadvies, administratie, conflictbemiddeling, zakelijke begeleiding
identiteiten identiteiten
empty 
actualiteiten  
empty 
empty 
formaliteiten  
empty 
cursus & training cursus & training
empty 
beeldruimte  
empty 
fiets & bedrijf fiets & bedrijf
empty 
ontwerpers  
empty 
overzicht overzicht
  

empty  

© ZOO
Fiscaliteiten en aansprakelijkheid
De voorbereiding voor de aangifte inkomstenbelasting
Electronisch aangifte doen
Bestanden om te downloaden
Fiscaal ondernemerschap
Zelfstandigenaftrek
Urenverantwoording
Kunst en omzetbelasting
Kunstenaar en galerie
Artiest en belastingen
Beroepskosten
Fiets en bedrijf
Autokosten
Werkruimte
Scholing, training en onderwijs
Investeren en afschrijven
Samenwerking en rechtsvormen
Buitenland
Journalisten, schrijvers en componisten
Therapeuten
Zorgstelsel
Aanslagen
Aangiften inkomstenbelasting
Aangiften omzetbelasting
Toeslagen op het inkomen
De verklaring arbeidsrelatie
Facturering en incasso
Calculatie en offreren
Kinderen en kinderopvang
De WIK
Subsidies en stipendia
De eigen woning en de hypotheekrente
Gemeentelijke belastingen
Verzekering
Erfrecht

Werkruimte in de eigen woning

In hoofdlijnen:

De kosten van werkruimte in de eigen woning zijn vanaf 2005 aftrekbaar wanneer je:

  • zelfstandig ondernemer bent of resultaat uit werkzaamheden geniet
  • een zelfstandige, van de woning afgescheiden werkruimte gebruikt
  • minstens 70% van je inkomsten uit arbeid verdient in of vanuit die werkruimte

Zelfstandige werkruimte

Vanaf 2005 zijn de kosten van werkruimte alleen nog aftrekbaar wanneer het om een zelfstandige werkruimte gaat. Dat is het geval wanneer de ruimte kan worden gezien als een zelfstandig deel van het pand, met eigen opgang of ingang en eigen sanitair. Het volgende rekenvoorbeeld gaat hiervan uit.

Dit ingewikkelde verhaal begint met het niet aftrekbaar zijn van het deel van de hypotheekrente dat verband houdt met de werkruimte. De werkruimte wordt n.l. niet gerekend tot de z.g. eigen woning. Wanneer je een woning in eigendom hebt moet je jaarlijks een bedrag tot je inkomen rekenen voor het z.g. huurwaardeforfait en daar staat tegenover dat je de hypotheekrente mag aftrekken.

Iets formeler gezegd: de werkruimte hoort niet tot de woning die in box 1 voorwerp van belastingheffing is. Dat betekent dat de werkruimte wordt gerekend tot het vermogen dat in box 3 belast wordt. In beginsel wordt daar 30% belasting geheven over 4% van de waarde van het vermogen.

Een voorbeeld van een woning

Stel je voor dat je een woning in eigendom hebt met een woz-waarde van € 200.000. En stel dat je een hypotheekschuld hebt van € 150.000 en dat je daarop jaarlijks € 7.500 hypotheekrente betaalt.

Als er geen sprake zou zijn van werkruimte in die woning, wordt jaarlijks € 1.600 bij het inkomen geteld voor het z.g. huurwaardeforfait. De hypotheekrente van € 7.500 is in dat geval geheel aftrekbaar. Het inkomen wordt dus per saldo verlaagd met € 5.900.

Hetzelfde voorbeeld, nu met zelfstandige werkruimte

Stel nu dat je in of bij deze woning een zelfstandige werkruimte in gebruik hebt die 25% van de totale oppervlakte van de woning in beslag neemt. In dat geval wordt 25% van de waarde van de woning, en 25% van de hypotheekschuld niet meer in box 1 belast. Het als huurwaardeforfait aan te geven bedrag wordt nu gerekend over 75% van de waarde, ofwel over € 150.000 en bedraagt € 1.200. De hypotheekrente is nu aftrekbaar voor zover die betrekking heeft op een schuldbedrag van 75%, ofwel € 112.500 en bedraagt daardoor slechts € 5.625.

Per saldo wordt nu een bedrag van € 4.425 ten laste van het belastbaar inkomen gebracht. Aanzienlijk minder dan in het voorbeeld zonder deze werkruimte.

Daarnaast wordt de werkruimte in box 3 belast, en wel voor 4% van de waarde minus de hypotheekschuld die er op drukt. De waarde van de werkruimte (25%) is € 50.000. De hierop drukkende hypotheekschuld (ook 25%) is € 37.500. De belaste waarde is dus per saldo € 12.500, en daarvan wordt 4% ofwel € 500 tot het inkomen gerekend.

De kosten van de werkruimte die ten laste van de winst mogen worden gebracht zijn gelijkgesteld aan die 4% van de waarde in box 3. Dat is 4% van € 50.000 ofwel € 2.000.

Stel nu bovendien dat de jaarlijkse kosten van heffingen en energie € 3.000 bedragen. In de resultatenrekening van je zelfstandige praktijk mag je nu 25% van € 3.000 ofwel € 750 verwerken.

Het effect op het inkomen

Dat betekent dat de totale aftrekpost ten laste van het inkomen nu bedraagt:

  • de hypotheekrente van € 5.625
  • minus het huurwaardeforfait van € 1.200
  • plus de fictief berekende huisvestingskosten van € 2.000
  • plus de kosten van heffingen en energie van € 750.
  • ofwel per saldo een aftrek van € 7.175

Daarnaast is er mogelijk een belastingheffing over de eerder genoemde inkomsten van € 500 in box 3. Die geldt alleen wanneer je met je vermogen in box 3 boven de vrijstellingsgrenzen uitkomt.

Wanneer het gebruik van de werkruimte niet aan de criteria voldoet

Maar stel dat je nu niet voldoet aan de criteria voor aftrek van de kosten van werkruimte. Bij voorbeeld omdat je niet 70% van je inkomsten in of vanuit die werkruimte behaalt. Dan moet de werkkamer toch naar box 3. De aftrek ten laste van het inkomen wordt nu:

  • de hypotheekrente van € 5.625
  • minus het huurwaardeforfait van € 1.200
  • ofwel per saldo een aftrek van € 4.425
  • en een eventuele belastingheffing in box 3 over € 500.

In details

Over het fiscaal ondernemerschap en het genieten van resultaat uit werkzaamheden vind je meer onder:

Over de werkruimte vind je meer onder:

Over het verband tussen inkomsten en werkruimte vind je meer onder:

Over wat 'in of vanuit de werkruimte' betekent vind je meer onder:

Over welke kosten onder kosten van werkruimte vallen lees je meer onder:

Terug

Dit is voorlichting met het doel ingewikkelde fiscale materie toegankelijk en begrijpelijk te maken. Aansprakelijkheid voor de inhoud kan niet worden aanvaard.