De winstvrijstelling
Vanaf 2007 is er een extra faciliteit voor zelfstandigen: de winstvrijstelling.
Bovenop de zelfstandigenaftrek, startersaftrek en aftrek voor arbeidsongeschikte starters geldt een winstvrijstelling. In tegenstelling tot de eerder genoemde aftrekposten is dit geen vast bedrag maar een percentage van de winst uit onderneming. Dat percentage is nu vastgesteld op 10%.
De vrijstelling wordt berekend over de weinst uit onderneming, verminderd met de toevoeging aan de fiscale oudedagsreserve en verminderd met de ondernemersaftrek.
Net als voor de andere ondernemersaftrekposten geldt de voorwaarde dat je moet voldoen aan het urencriterium.
Voor wie de onderneming beëindigt geldt dat je in het jaar van beëindiging de winstvrijstelling mag toepassen wanneer je in minstens 3 van de voorafgaande 5 jaren aan dat urencriterium voldeed. Dat maakt het mogelijk de winstvrijstelling toe te passen op stakingswinst nadat je de onderneming hebt moeten beëindigen door ziekte of arbeidsongeschiktheid.
De vrijstelling van 10% wordt overigens ook toegepast op verliezen. Dat betekent dat verliezen voor 10% minder verrekenbaar zijn.
Nog iets: deze regeling wordt vaak de mkb-vrijstelling genoemd. Wij houden niet zo van kvk-jargon, noch van afkortingen. Daarom noemen we het gewoon winstvrijstelling.
Terug
Dit is voorlichting met het doel ingewikkelde fiscale materie toegankelijk en begrijpelijk te maken. Aansprakelijkheid voor de inhoud kan
niet worden aanvaard.
|