Beeldrijk belastingadvies, administratie, conflictbemiddeling, zakelijke begeleiding
identiteiten identiteiten
empty 
actualiteiten  
empty 
fiscaliteiten fiscaliteiten
empty 
formaliteiten  
empty 
cursus & training cursus & training
empty 
beeldruimte  
empty 
fiets & bedrijf fiets & bedrijf
empty 
ontwerpers  
empty 
overzicht overzicht
  

empty  

© ZOO
Fiscaliteiten en aansprakelijkheid
De voorbereiding voor de aangifte inkomstenbelasting
Electronisch aangifte doen
Bestanden om te downloaden
Fiscaal ondernemerschap
Zelfstandigenaftrek
Urenverantwoording
Kunst en omzetbelasting
Kunstenaar en galerie
Artiest en belastingen
Beroepskosten
Fiets en bedrijf
Autokosten
Werkruimte
Scholing, training en onderwijs
listbullet Investeren en afschrijven
Samenwerking en rechtsvormen
Buitenland
Journalisten, schrijvers en componisten
Therapeuten
Zorgstelsel
Aanslagen
Aangiften inkomstenbelasting
Aangiften omzetbelasting
Toeslagen op het inkomen
De verklaring arbeidsrelatie
Facturering en incasso
Calculatie en offreren
Kinderen en kinderopvang
De WIK
Subsidies en stipendia
De eigen woning en de hypotheekrente
Gemeentelijke belastingen
Verzekering
Erfrecht

Privégebruik van investeringen en omzetbelasting

Door Europese rechtspraak zijn er veranderingen gekomen in de manier waarop je met het gemengd gebruik van investeringen moet omgaan, voor wat betreft de omzetbelasting.

Hoofdlijnen

Gemengd gebruik betekent dat je een investering doet voor je onderneming terwijl je er ook voor privé-doeleinden gebruik van maakt. Bij voorbeeld een aanhanger voor achter de auto, waarmee je zakelijk vervoer verricht en waarmee je ook op vakantie gaat. Of computers die je deels zakelijk, deels privé gebruikt. Of een woning die je laat bouwen, en waarin je ook een werkruimte voor jezelf inricht.

De hoofdregel is dat, wanneer je een investering doet voor zakelijk gebruik, je alle omzetbelasting mag terugvorderen. Ook wanneer het gebruik niet uitsluitend zakelijk is. Aan de omvang van het zakelijk gebruik zijn geen voorwaarden gesteld. Dus zelfs wanneer je investeert in een camera die je voor ongeveer 5% zakelijk gebruikt en voor 95% in de privé-sfeer inzet, geldt dat je bij aanschaf de volledige omzetbelasting terug kunt vragen.

Daar tegenover staat dat het privé-gebruik wordt beschouwd als een fictieve dienst van de ondernemer aan zichzelf als privé-persoon. Daarover is dan jaarlijks omzetbelasting verschuldigd. Wanneer dat privé-gebruik jaarlijks wisselt moet jaarlijks de verschuldigde omzetbelasting daarop worden aangepast.

Een voorbeeld

Stel, je bent grafisch ontwerper en je investeert in een camera van € 2.000 exclusief omzetbelasting. Deze camera wordt naar schatting voor 20% beroepsmatig ingezet en voor 80% in de privé-sfeer. Bij aanschaf mag de door de ondernemer betaalde voorbelasting van € 380 (19% van € 2.000) geheel worden teruggevraagd.

Daar staat tegenover dat jaarlijks het privé-gebruik moet worden vastgesteld en moet worden belast met 19%. Dat privé-gebruik is 80%. Bij roerende goederen als deze camera wordt aangenomen dat dit privé-gebruik wordt genoten over een periode van 5 jaar; een soort fictieve gebruiksduur. Dat betekent dat jaarlijks de waarde van het privé-genot wordt gesteld op 80% van € 2.000 gedeeld door 5, ofwel € 320. Over die € 320 moet jaarlijks 19% omzetbelasting worden afgedragen, ofwel € 61. Na 5 jaar is de door de privé-persoon betaalde omzetbelasting 5 * € 61 ofwel € 305, wat overeenkomt met 80% van de eerder genoemde € 380.

Wisselend privé-gebruik

In het voorbeeld hiervóór werd aangenomen dat het privé-gebruik jaarlijks constant is. Dat hoeft niet zo te zijn. Wanneer het privé-gebruik in het eerste jaar 80% en in de volgende 4 jaren respectievelijk 60%, 40%, 30% en 70% is, moet jaarlijks over die verschillende fictieve diensten omzetbelasting worden afgedragen. In het eerste jaar dus 80% van € 2.000, gedeeld door 5, ofwel € 61. In het tweede jaar 60% van € 2.000 gedeeld door 5, ofwel € 46. Daarna respectievelijk € 46, € 23 en € 53.

De vraag is natuurlijk nog wel hoe je dat privé-gebruik jaarlijks vaststelt. Als er geen concrete gegevens zijn moet dat maar schattenderwijs gebeuren. Belangrijk is het in elk geval dat de ondernemer zelf aangifte moet doen over het privé-gebruik en het initiatief niet mag overlaten aan de belastingdienst.

Verandering van omzetbelastingtarief

Tot 2009 bedraagt het hoogste tarief 19%. Vanaf 2009 is dat 20%. Dat betekent dat vanaf 2009 de verschuldigde omzetbelasting over het privé-gebruik 20% zal bedragen.

Wanneer de fictieve dienst aan het verlaagd tarief van 6% onderworpen is, geldt natuurlijk dat lagere tarief. Ook wanneer de investering bij aanschaf gefactureerd was met 19%.

De termijn voor het privé-gebruik

Hiervóór is een voorbeeld gegeven waarin gei¨nvesteerd is in een roerend goed. Voor roerende goederen geldt een fictieve gebruiksduur van 5 jaar. Voor onroerende goederen geldt een fictieve gebruiksduur van 10 jaren.

Terug

Dit is voorlichting met het doel ingewikkelde fiscale materie toegankelijk en begrijpelijk te maken. Aansprakelijkheid voor de inhoud kan niet worden aanvaard.

Flyer