Zorgtoeslag
Vanaf 2006 is er een nieuw stelsel voor de zorgverzekering. De belangrijkste kenmerken daarvan zijn:
- 1. Er komt een nieuwe zorgverzekering in de plaats van het ziekenfonds en de particuliere verzekeringen
- 2. Die nieuwe verzekering wordt basisverzekering genoemd en krijgt een wettelijk geregeld standaardpakket
- 3. Deze basisverzekering is verplicht voor iedere inwoner van Nederland
- 4. Ieder kan naar believen zich bijverzekeren voor extra diensten
- 5. Verzekerden kunnen in aanmerking komen voor een tegemoetkoming in de premie krijgen: de ‘zorgtoeslag'
We geven hier wat eenvoudige informatie over de verzekering en de zorgtoeslag. Bedenk dat dit alles vrij nieuw is en dat de wetgeving deels nog tot stand moet komen. Er is zelfs nog zoveel onduidelijkheid dat het bijna niet verantwoord is om hierover voorlichting te geven. In elk val zijn alle bedragen en percentages die we hier geven nog voorlopig en zullen pas definitief bekend zijn na de kamerbehandeling in oktober-november 2005.
De nieuwe zorgverzekering
De basisverzekering omvat zal waarschijnlijk voor 2006 het volgende verzekeringspakket omvatten:
- Geneeskundige zorg, waaronder zorg door huisartsen, ziekenhuizen, medisch specialisten en verloskundigen
- Ziekenhuisverblijf
- Tandheelkundige zorg (tot 18 jaar, vanaf 18 jaar alleen specialistische tandheelkunde en het kunstgebit)
- Hulpmiddelen
- Geneesmiddelen
- Kraamzorg
- Ziekenvervoer (ambulance en zittend vervoer)
- Paramedische zorg (beperkt fysiotherapie/oefentherapie, logopedie, ergotherapie, dieetadvisering)
Wie is verzekerd?
Iedereen die in Nederland woont, of in Nederland loonheffing betaalt is verplicht zich te verzekeren. Dat geldt ook kinderen. In dat geval zijn ouders verplicht hun kinderen tot 18 jaar te verzekeren. Voor hen hoeft echter geen premie te worden betaald.
De premie voor de basisverzekering
Net als nu betaal je voor deze verzekering twee premies:
- een nominale premie voor wie ouder is dan 18 jaar
- een inkomensafhankelijke premie
De nominale premie
De regering heeft voorspeld dat de nominale premie voor dit pakket in 2006 ongeveer € 1.100 zal gaan kosten. In 2006 blijkt dit te kloppen. De verzekeraars hebben echter al aangegeven dat het eigenlijk niet voor minder dan € 1.300 kan. Mogelijk is er nu nog sprake van dumpprijzen.
De nominale premie betaalt iedere verzekerde zelf aan de verzekeraar. Je hebt de volledige vrijheid om een verzekeraar uit te zoeken. Dat wil zeggen: voor het basispakket. Of dat ook geldt voor de aanvullende verzekeringen is nog maar de vraag. Zo zou het kiunnen zijn dat je, juist wanneer je iets bijzonders hebt, je noodgedwongen vast blijft zitten aan één verzekeraar.
Wie niet of weinig zorg gebruikt kan een z.g. no-claim korting krijgen. Voor 2006 bedraagt die maximaal € 255.
De inkomensafhankelijke premie
De inkomensafhankelijke premie zal voor 2006 6,25% met een maximum van € 1.875. Wanneer je in loondienst bent zal de werkgever deze premie betalen. Wie zelfstandig is moet de premie zelf betalen.
In wezen is er niet veel verschil met de huidige situatie. Wanneer je zelfstandig bent, en je hebt recht op zelfstandigenaftrek wordt de premie berekend over een lager inkomensbedrag dan dat waarover de werknemer zijn of haar premie laat afdragen.
Vaak wordt de vraag gesteld of de zelfstandige niet benadeeld wordt ten opzichte van de werknemer. Op het eerste gezicht lijkt dat zo te zijn omdat de zelfstandige zijn of haar premie zelf betaalt, en de werkgever dat voor de werknemer doet. De werkelijkheid is echter veel ingewikkelder. Te ingewikkeld om daar hier op in te gaan.
De zorgtoeslag
Voor de zorgtoeslag moet je een formulier invullen. Dat krijg je in september van 2005 voor het eerst. De essentie is dat je daarin een schatting moet geven van je inkomen in het komende jaar. In het najaar van 2005 vraag je dus een zorgtoeslag aan voor 2006, op basis van een geschat inkomen over 2006.
Wanneer later, na afloop van 2006, blijkt dat je werkelijk inkomen afwijkt van de schatting zal de belastingdienst een herberekening maken van de zorgtoeslag. Je zult dan ofwel een bedrag extra krijgen, ofwel een bedrag moeten terugbetalen. Het vervelende is dus dat deze regeling vooral voor zelfstandigen een groot risico van verrassingen met zich meedraagt.
De hoogte van de zorgtoeslag
De zorgtoeslag bedraagt voor een alleenstaande: € 1.000 minus € 613 en minus 5% van het inkomen, nadat dat verminderd is met € 17.500.
De zorgtoeslag bedraagt voor partners € 2.000 minus € 875 en minus 5% van het inkomen, nadat dat verminderd is met € 17.500.
Dit vergt dus wat rekenwerk en cijferinzicht. Daarom een eenvoudig voorbeeld.
Stel, je bent alleenstaand en je schat je inkomen voor 2006 op € 20.000. De zorgtoeslag die je dan krijgt bedraagt € 1.000 minus € 613 en minus 5% van (€ 20.000 minus € 17.500). De uitkomst is € 262.
Stel, je hebt een partner en je gezamenlijk inkomen is voor 2006 geschat op € 30.000. De zorgtoeslag bedraagt nu € 2.000 minus € 875 minus 5% van ‘ (30.000-€ 17.500). De uitkomst is € 500.
De voorwaarden voor de zorgtoeslag
Je krijgt een zorgtoeslag wanneer je:
- 18 jaar of ouder bent
- een inkomen hebt van maximaal € 25.000 wanneer je alleenstaand bent
- een inkomen hebt van maximaal € 40.000 wanneer je een partner hebt
De schatting van het inkomen over 2006
Het jaar 2006 is nog niet eens begonnen of je moet het al schatten. Dat is vooral erg lastig voor zelfstandigen.
Als je in loondienst bent en blijft kun je het beste je schatting baseren op je huidige maand-loonstroken.
Als je zelfstandig bent kun je je alleen maar afvragen of je het in 2006 waarschijnlijk beter of waarschijnlijk minder goed zal doen dan in het laatste jaar waarvan je winst bekend is. Dat is een bijna onmogelijke vraag om te beantwoorden, maar dan moet je maar de natte vinger gebruiken. Het is niet anders.
Voor de opgave van de schatting moet je uitgaan van het ‘verzamelinkomen'. Dat is in bijna alle gevallen gelijk aan het belastbaar inkomen.
In onze laatste voor jou gemaakte belastingaangifte vind je het bedrag van het belastbaar inkomen terug. In ieder geval in de aangifte zelf; het is de einduitkomst van de inkomensberekening. Je kunt het ook vinden in ons fiscaal rapport; de begeleidende brief die je van ons krijgt waarin we de belangrijkste resultaten van ons werk melden.
Partner of geen partner?
Voor deze regeling is het begrip 'toeslagpartner' uitgevonden. Toeslagpartners zijn:
- de echtgenoot
- geregistreerd partner
- de persoon met wie je een notariele samenlevingsovereenkomst hebt
- de huisgenoot met wie je een kind hebt
- de huisgenoot die voor de pensioenregeling als partner is aangemeld
- de huisgenoot die mede-eigenaar is van je eigen woning en mede-aansprakelijk is voor de hypotheekschuld
- de huisgenoot die meerderjarig is en die langer dan zes maanden op je woonadres is ingeschreven en met wie je in die periode een gezamenlijke huishouding voert
Uitgezonderd van het 'toeslagpartnerschap' zijn kinderen, kleinkinderen, ouders, grootouders en minderjarige huisgenoten. Meerderjarige broers of zussen zijn alleen toeslagpartner wanneer je op een ander adres bent ingeschreven dan je ouders.
Wanneer je méér dan één huisgenoot hebt die aan bovenstaande voorwaarden voldoet, mag je zelf uitkiezen wie je tot toeslagpartner benoemt.
Wanneer je met deze criteria moeilijk uit de voeten kunt is er een vraag- en antwoord-methode om te zien of je een toeslagpartner hebt. Klik dan even toeslagpartner.nl.
Wie van de toeslagpartners kan de aanvraag doen?
Wanneer je een toeslagpartner hebt, hoef je maar één aanvraagformulier in te zenden. Wie van jullie dat doet is onbelangrijk. Er is niet zoiets als een hoofdaanvrager. Je moet wel beiden ondertekenen.
En als er méér dan één toeslagpartner is? Dan kies je er één uit met wie je samen de aanvraag doet, en de overblijvende toeslagpartner vraagt de toeslag voor zichzelf aan. Als er méér dan 2 toeslagpartners zijn dan kunnen de anderen eveneens hun toeslagpartner uitkiezen.
Typisch iets voor Sinterklaasavond.
Terug
Dit is voorlichting met het doel ingewikkelde fiscale materie toegankelijk en begrijpelijk te maken. Aansprakelijkheid voor de inhoud kan
niet worden aanvaard.
|