Het boxensysteem
De bronnen van inkomen worden belast naar verschillende tarieven. Daartoe worden de verschillende soorten inkomsten ondergebracht in 3 hoofdgroepen, boxen genoemd, waarin de verschillende tarieven gelden.
Box 1: Inkomsten uit wonen en werken
Hieronder vallen looninkomsten, bijverdiensten, inkomsten uit eigen woning, winst uit onderneming.
Tarief in 2012 voor personen jonger dan 65 jaar:
|
Tarieven inkomstenbelasting 2012 |
box 1 |
|
belasting wordt berekend over: |
tarief: |
|
inkomen < 18.945 |
33,1% |
|
inkomen > 18.945 en < 33.863 |
41,95% |
|
inkomen >33.863 en < 56.491 |
42% |
|
inkomen > 56.491 |
52% |
Box 2: Inkomsten uit aanmerkelijk belang
Hieronder vallen : dividend en huuropbrengsten uit een BV waarin je een aanmerkelijk aandelenpakket hebt.
Het tarief bedraagt 25%.
Box 3: Inkomsten uit vermogen
Dit is een fictief bepaald rendement van 4% van je totale gemiddelde vermogen. Het gemiddeld vermogen is het gemiddelde van de vermogens op 1 januari en 31 december.
Het tarief bedraagt in 2012 30% over dat fictief rendement, nadat dit is verminderd met de vrijstelling van € 21.139 per persoon. De vrijstelling voor minderjarige kinderen is in 2012 vervallen.
De vrijstelling is hoger voor wie op 31 december 65 jaar of ouder is. De ouderentoeslag op de vrijstelling bedraagt € 27.516 wanneer het inkomen in box 1 minder is dan € 14.062. Wanneer het inkomen in box 1 minder is dan € 19.562 maar meer dan € 14.062 bedraagt de ouderentoeslag € 13.758. Wanneer het inkomen in box 1 meer is dan € 19.562 vervalt de ouderentoeslag. Bovendien vervalt deze 'ouderentoeslag' wanneer het gemiddeld vermogen min het heffingvrij vermogen hoger is dan € 275.032 voor een alleenstaande en € 550.064 voor fiscale partners.
Heffingskorting
Aan de hand van het tarief wordt in elke box het belastingbedrag bepaald. Daarna wordt op het totaal van de verschuldigde inkomstenbelasting een heffingskorting in mindering gebracht. De hoogte daarvan is afhankelijk van veel factoren.
Er zijn er veel meer. We noemen er nog enkele:
Een eenvoudig voorbeeld:
Stel, er is een brutoloon van € 10.000 en een belastbare winst uit onderneming van € 12.000. Het totale inkomen bedraagt dan € 22.000. Hierover is een belasting verschuldigd van € 6.600.
De heffingskorting bedraagt € 3.600, waardoor een bedrag aan inkomstenbelasting, na korting, van € 3.000 moet worden betaald. Wanneer je echter alleenstaande ouder met kind jonger dan 16 bent, bedraagt je heffingskorting in dit geval € 5.300 . De uiteindelijk te betalen belasting bedraagt dan € 1.300.
Is dit alles?
Nee, er zijn veel meer tarieven en er zijn veel meer heffingskortingen. Een woud van regeltjes waar de tweede kamer zich ieder jaar op uitleeft, en dat ieder jaar weer uitgebreid wordt. Ondoenlijk om ze hier allemaal uit de doeken te doen. Maar wanneer je een concrete vraag hierover hebt kunnen we je altijd wel een antwoord geven dat in jouw situatie van toepassing is.
Terug